in europese unie

Taaldecreet: Europese instellingen zorgen voor culturele afbraak

Als gevolg van een arrest van het Europees Hof van Justitie staat het Vlaamse taaldecreet van september 1973 op de helling. Het zogeheten decreet-Vandezande stelt o.a. dat alle arbeidsovereenkomsten van bedrijven met een exploitatiezetel in Vlaanderen in het Nederlands moeten worden opgesteld.

Dit Vlaamse taaldecreet werd nu door het Europees Hof van Justitie in strijd bevonden met de Europese wetgeving omdat het “een beperking is van het vrij verkeer van werknemers” en “een afschrikkende werking kan hebben voor niet-Nederlandstalige werknemers en werkgevers”. Het Belgische gerecht moet vervolgens maar naar het pijpen dansen van deze Europese instelling en oordelen “overeenkomstig de beslissing van het Hof. Onder meer een ex-werknemer van PSA wiens arbeidsovereenkomst niet in het Nederlands was opgesteld en op basis van het Vlaamse taaldecreet zijn ontslag aanvocht, zal daardoor nu ongelijk krijgen.

“Het is onaanvaardbaar dat Europese bemoeienissen een fundamentele sociale verworvenheid van Vlaanderen op de helling zetten. Het is een zoveelste illustratie van hoe EU-instellingen zich bemoeien met nationale of regionale wetgeving”, stelt europarlementslid Philip Claeys in een reactie.

De Vlaamse regering dient bij de bekrachtiging van Europese verdragen het nodige voorbehoud te maken door uitzonderingen in de verdragtekst te bepleiten. Het democratisch gekozen Vlaamse taaldecreet moet immers te allen tijde voorrang krijgen op een dergelijke Europese inmenging. Fractievoorzitter Joris Van Hauthem zal Vlaams minister Muyters hierover morgen in de plenaire vergadering interpelleren.